Dit ei heb ik begin 2001
gevonden in Rotterdam, in een leegstaande fabriek op het oude industrieterrein.
Het pand stamde uit 1850, en sloot voor het laast zijn deuren in 1911.
Vlak voor de sloop wist ik nog toestemming te krijgen om daar een
paar dagen onderzoek te doen.
Mede door de vindplaats en het tijd waarin het ei vermoedelijk gelegd
moet zijn, vermoed ik dat het hier om een drakenei gaat.
In de tijd dat de natuurlijke habitat van dit soort dieren steeds
kleiner werd, vormden grote hete en stomende fabrieken zoals die in
de 19e eeuw gebouwd werden een welkom alternatief als schuilplaats
en als habitat.
Waarschijnlijk is het ei van een Nederlands Duindraakje, die omstreeks
die tijd volgens enkele ooggetuigen nog te zien zou zijn geweest.
Toen ik dit ei vond, was
het heel erg uitgedroogd. Deze eieren kunnen heel goed tegen extreme
hitte en droogte, maar zonder de goede zorg van de ouders zal de uitbroeding
niet goed kunnen verlopen. Ik ben dan ook verbaast dat dit ei nog
leefde.
Met behulp van mijn incubatiemachine probeer ik het weer op te peppen,
in de hoop dat het ooit nog eens uitkomt. Sinds de incubatie is de
omvang al verdrievoudigd, van 33 cm naar iets meer dan 1 meter.
Ik had in dit pand meer eieren gevonden, maar dit is de enige die
ik in leven wist te houden.